Overslaan naar inhoud

Wilde bijen en honingbijen beschermen: zo helpt u

Met bloemen, nestplekken en een gifvrije tuin helpt u wilde bijen en honingbijen het hele jaar door.
Van de Westfalia redactie · Bijgewerkt op 11.09.2026
Opgesteld en gecontroleerd door de Westfalia redactie.

Kort uitgelegd: U helpt wilde bijen en honingbijen met een doorlopend bloemenaanbod van het voorjaar tot de herfst, inheemse planten, open plekken in de bodem en geschikte nestplekken. Gebruik geen insecticiden, maai delen van de tuin zelden en zet water stabiel neer. Een bijenhotel is een goede aanvulling, maar vervangt geen voedsel en geen beschutte nestbodem.

Wilde bijen en honingbijen hebben in de tuin meer nodig dan enkele bloeiende planten. Ze hebben maandenlang voedsel, geschikte nestplekken en bescherming tegen gewasbeschermingsmiddelen nodig. Met een paar gerichte maatregelen verandert u gazon, balkon of binnenplaats in een waardevolle leefomgeving.

Een insectvriendelijke tuin blijft daarbij praktisch. U hoeft geen complete wildernis aan te leggen. Een zonnige plek met zand, een border met enkelvoudige bloemen en een hoek die minder vaak wordt gemaaid helpen al, zolang u deze plekken blijvend onderhoudt.

Artikelafbeelding 1
Bloemrijke delen van de tuin bieden wilde bijen en honingbijen het hele seizoen voedsel.

Welke bijensoorten leven in de tuin?

In Duitsland leven ongeveer 570 soorten wilde bijen. Daaronder vallen kleine zandbijen, metselbijen, groefbijen en hommels. Elke soort stelt eigen eisen aan bloemen, vliegtijden en nestplekken. De honingbij is daarentegen één soort die mensen in volken houden en die door imkers wordt verzorgd.

Wilde bijen leven meestal solitair. Een vrouwtje bouwt haar eigen nest, legt daar eitjes en voorziet de larven van stuifmeel en nectar. Ze verdedigt geen groot volk. Veel soorten vliegen maar enkele weken per jaar en hebben daarom precies op dat moment geschikte bloemen nodig.

Wilde bijen leven meestal alleen

Sommige wilde bijen graven hun broedgangen in zanderige of leemachtige grond. Andere gebruiken holle plantenstengels, dood hout, spleten in muren of verlaten kevergangen. De nesten liggen vaak onopvallend op de grond en verdwijnen wanneer u plekken bedekt met mulch, omspit of regelmatig betreedt.

Hommels vormen kleine volken, maar behoren toch tot de wilde bijen. Ze nestelen in verlaten muizennesten, onder hout of in dichte graspollen. Dankzij hun krachtige lichaam kunnen ze ook bij koel weer bloemen bezoeken.

Honingbijen hebben een heel volk nodig

Honingbijen verzamelen nectar en stuifmeel voor een volk met enkele duizenden dieren. Ze bezoeken talloze bloemen en leggen voorraden aan voor perioden zonder dracht. In de tuin profiteren ze van grote, aaneengesloten bloemenvelden, terwijl afzonderlijke wilde bijen vaak al genoeg hebben aan enkele geschikte planten.

Honingbijen en wilde bijen concurreren niet automatisch om dezelfde voedselbronnen. Een gevarieerde tuin met veel plantensoorten, verschillende bloemvormen en verspreide bloeitijden voorziet beide groepen van voedsel. Als u bijen wilt beschermen, plan dan niet alleen een decoratieve border, maar meerdere voedsel- en nestplekken.

„Wilde bijen zijn belangrijke bestuivers van wilde planten en landbouwgewassen. Daarvoor hebben ze voldoende bloemen en geschikte nestplekken nodig.“

— Bundesamt für Naturschutz, vakinformatie over wilde bijen

Hoe zorgt u voor een bloemrijk voedselaanbod?

Eén enkele plant helpt maar korte tijd. Plan bloemen van het vroege voorjaar tot in de herfst. Zo vinden bijen na de winterrust, tijdens het hoofdseizoen en voor de winter voldoende nectar en stuifmeel.

Plan bloemen van februari tot november

  • Vroeg voorjaar: boswilg, kornoelje, krokussen, sneeuwklokjes, longkruid en dovenetel leveren het eerste voedsel.
  • Voorjaar: fruitbomen en -struiken, meidoorn, krentenboompje, akelei en smeerwortel verlengen het aanbod.
  • Zomer: slangenkruid, veldsalie, knoopkruid, wilde marjolein, wilde malve, tijm en verschillende kruiden lokken talrijke soorten.
  • Late zomer en herfst: vetkruid, herfstasters, zonnekruid en klimop vullen de gaten tot in oktober of november.

Kies bij voorkeur inheemse planten en let op regionale standplaatsomstandigheden. Een zonnige stapelmuur heeft andere soorten nodig dan een vochtige border onder struiken. In het tuin- en outdoorassortiment vindt u geschikte uitrusting voor verschillende delen van de tuin.

Kies voor enkelvoudige bloemen

Gevulde bloemen zien er weelderig uit, maar leveren vaak weinig of geen toegankelijk stuifmeel en nectar. Bij enkelvoudige soorten kunnen wilde bijen de meeldraden gemakkelijker bereiken. Koop planten tijdens de bloei en controleer of het hart van de bloem open is.

Gebruik geen planten die kort na aankoop met insecticiden zijn behandeld. Vraag hoe de planten zijn opgekweekt en houd nieuwe planten eerst apart als u de herkomst niet kent. Een eigen plek met kruiden en inheemse vaste planten levert vaak meer op dan veel kortlevende seizoensplanten.

Verdeel het aanbod over de tuin

Plant meerdere exemplaren van één soort in kleine groepen. Dat maakt het voor bijen gemakkelijker om voedsel te vinden en oogt rustiger dan een willekeurige mix van losse planten. Laat tussen de groepen open plekken, droge stengels en wat gevallen blad liggen.

Ook een balkon kan een plek voor bestuivers worden. Kruiden zoals tijm, salie en oregano bloeien lang als u niet alle bloemen afknipt. Potten hebben drainagegaten, turfvrije potgrond en een zonnige standplaats nodig. Zet verschillende bloemvormen naast elkaar.

Tip van de expert

Houd een eenvoudige bloeikalender bij. Noteer welke planten van februari tot november bloeien. Ontdekt u een periode van meer dan drie weken zonder bloemen, vul die dan aan met een geschikte vaste plant of struik met een andere bloeitijd.

Hoe maakt u nestplaatsen voor wilde bijen?

Wilde bijen hebben geen ingewikkelde constructie nodig, maar wel een droge, zonnige en blijvend toegankelijke plek. De belangrijkste stap is vaak dat u bestaande nestmogelijkheden niet vernietigt. Vermijd grootschalig omspitten en laat geschikte structuren meerdere jaren ongemoeid.

Open grond helpt meer dan decoratieve vulling

Een groot deel van de wilde bijen nestelt in de grond. Leg daarom een klein, zonnig stukje aan met zand of schrale leem. Een oppervlak van ongeveer 30 bij 30 centimeter is een goed begin. Verwijder daar mulch en dichte begroeiing, maar houd de bodem vrij van meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen.

Ook een droge zandhoop, een zonnige helling of een onverharde voeg tussen natuurstenen kan als nestplaats dienen. Markeer de plek, zodat u die bij het wieden of grasmaaien niet per ongeluk beschadigt. Geef dergelijke plekken niet regelmatig water.

Wat is het nut van een bijenhotel?

Een bijenhotel helpt vooral metselbijen en andere soorten die bovengrondse holtes gebruiken. Het vervangt geen bloemen en geen open grond. Koop modellen met gladde, schone buisjes van riet of hardhout. De gangen moeten vanbinnen vrij zijn van splinters en aan het uiteinde gesloten lijken.

Hang het hotel aan een zonnige, tegen regen beschutte muur, bij voorkeur op het zuidoosten of zuiden. De plek mag niet direct boven een veelgebruikte zitplaats liggen. Controleer de buisjes in het voorjaar, maar verwijder geen afgesloten broedgangen. In het assortiment voor een bijenhotel vindt u verschillende oplossingen voor balkon, terras en tuin.

  • Geschikte buisdiameters liggen ongeveer tussen twee en negen millimeter.
  • De buisjes moeten minimaal acht centimeter diep zijn en aan de voorkant glad.
  • Een dak beschermt tegen slagregen; direct vocht bevordert schimmel.
  • Dennenappels, stro en grove stukken hout zien er decoratief uit, maar zijn voor de meeste wilde bijen geen geschikte broedgangen.

U kunt kennis over bijen ook zichtbaar maken. Het studio ROOF 3D-model van honingbijen van karton

is geschikt als kijkobject voor gezin, school of kinderopvang. Zet het model op een droge plek. Het legt de lichaamsbouw van een honingbij uit, maar vervangt geen bijenhotel en creëert geen leefgebied.

Extra advies

Zorg eerst voor voedsel en nestplaatsen voordat u een hotel ophangt. Observeer welke bijen al voorkomen. Fotografeer de dieren vanop veilige afstand en laat afgesloten buisjes, zandplekken en bewoonde stengels met rust.

Hoe beschermt u bijen in het dagelijks leven?

De meeste schade ontstaat door terugkerende ingrepen: grootschalig maaien, een gebrek aan bloemen, verharde bodems en verkeerd gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Controleer vóór elke tuinklus of er bloemen worden bezocht of nesten in de grond liggen.

Gebruik geen insecticiden en herbiciden

Behandel open bloemen nooit met insecticiden. Ook middelen tegen bladluizen kunnen bijen treffen als ze resten op bladeren of bloemen achterlaten. Gebruik bij kleine aantastingen eerst een waterstraal, verwijder het ongedierte met de hand of snoei afzonderlijk aangetaste scheuten terug.

Herbiciden ontnemen bijen belangrijke wilde kruiden. Paardenbloem, hondsdraf, klaver en dovenetel zijn geen waardeloos onkruid, maar voedselplanten. Verwijder ongewenste planten op plekken waar ze in de weg staan en laat ze in een afgebakend hoekje groeien.

Maai in delen

Maai een bloemenweide niet volledig op één dag. Verdeel haar in twee of drie delen en maai deze op verschillende momenten. Zo blijven er altijd bloemen en schuilplaatsen behouden. Laat het maaisel enkele dagen liggen, zodat dieren kunnen vluchten, en verwijder het daarna.

Stel de maaihoogte van de grasmaaier niet te laag in. Een hogere grasmat droogt minder snel uit en biedt kruiden meer kansen. Met geschikt tuingereedschap werkt u gerichter en spaart u de randen.

Bescherm planten zonder de bloembezoekers buiten te sluiten

Een tunnel voor plantenbescherming kan jonge planten beschermen tegen rupsen, vogels of zwaar weer. De FLO tunnel voor plantenbescherming van gaas

mag echter niet permanent boven bloeiende gewassen blijven liggen als bijen bij de bloemen moeten kunnen komen. Open of verwijder de afdekking tijdens de bloei. Bij zelfbestuivende gewassen kunt u deze na de bloei weer gebruiken.

Een plantenbeschermingsmat van kokos L

houdt de bodem onder struiken of op paden vrij van onkruid. Leg deze niet over open plekken die wilde bijen als nestplaats gebruiken. Laat rond bloeiende vaste planten en zandplekken voldoende onbedekte aarde.

Zet daarnaast een ondiepe waterschaal neer. Leg er meerdere stenen in, zodat bijen veilig kunnen landen. Ververs het water regelmatig en maak de schaal schoon, zodat er geen muggenlarven ontstaan. Een beschutte tuinuitrusting maakt het onderhoud eenvoudiger, maar vervangt geen goede omstandigheden op de standplaats.

Belangrijke aanwijzing

Gebruik geen insecticiden op bloeiende planten en spuit niet wanneer u bijen ziet vliegen. Ook ogenschijnlijk onschuldige huismiddeltjes kunnen bestuivers schaden. Lees bij elk toegelaten middel het etiket, volg de gebruiksvoorschriften en kies eerst voor mechanische maatregelen.

Hoe ziet een bijvriendelijke tuin er gedurende het jaar uit?

Een blijvende leefomgeving ontstaat door veel kleine keuzes op verschillende momenten. Ruim de tuin niet overal tegelijk op. Elk seizoen brengt werkzaamheden met zich mee waarbij u voedsel, nestgelegenheid of overwinteringsplekken kunt behouden.

Voorjaar: voedsel en nestgelegenheid controleren

Vanaf februari of maart verschijnen de eerste wilde bijen. Laat voorjaarsbloeiers staan en controleer of zonnige stukken grond vrij blijven. Verwijder dode stengels alleen waar ze in de weg staan. Veel insecten overwinteren in stengels, bladeren en losse plantenresten.

Snoei bloeiende wilgen niet tijdens de bloei. Controleer nieuwe planten op bestrijdingsmiddelen en zet pas behandelde planten niet op plekken waar veel bijen vliegen. Plant indien nodig kruiden of inheemse vaste planten die vroeg bloeien.

Zomer: bloemen laten staan en het gazon in delen maaien

In de zomer bezoeken veel soorten de bloemen van vaste planten, kruiden en fruitbomen. Laat een deel van de planten uitbloeien en knip niet alle uitgebloeide bloemen tegelijk weg. Controleer drinkplaatsen en houd de toegang tot de nestplaatsen vrij.

Wanneer een weide volop bloeit, maai dan slechts een deel. Laat de overige delen staan totdat het volgende stuk aan de beurt is. Verwijder het maaisel, zodat de weide op lange termijn voedselarm blijft en meer wilde bloemen voortbrengt.

Herfst en winter: structuur behouden

Herfstasters, vetkruid en klimop bieden late bezoekers nog voedsel. Laat droge zaaddozen en holle stengels de winter door staan. Vogels vinden er zaden en insecten gebruiken de holtes als schuilplaats.

Maak het bijenhotel niet leeg en sluit de buizen niet af. Repareer alleen het dak of de bevestiging als er vocht binnendringt. Plant in de herfst bloembollen en markeer open stukken grond, zodat u ze in het voorjaar niet per ongeluk omspit.

Afbeelding bij artikel 2
Open grond, dode stengels en enkelvoudige bloemen vullen elkaar aan in een bijvriendelijke tuin.

Een bestuivertuin hoeft er niet perfect uit te zien. Verschillende structuren, een betrouwbaar aanbod aan bloemen en terughoudend tuinonderhoud zijn doorslaggevend. Als u wilde bijen helpt, ondersteunt u tegelijk veel andere insecten, vogels en kleine dieren.

„Bestuiving door dieren is een belangrijke ecosysteemdienst en draagt bij aan de productie van voedsel.“

— IPBES, rapport over het wereldwijde belang van bestuivers, bestuiving en voedsel

Begin met een zonnige border, een klein stuk open grond en een gedeelte dat u minder vaak maait. Bekijk de tuin een heel jaar lang. Daarna ziet u welke bijensoorten al komen en waar extra bloemen of nestgelegenheid het meeste voordeel opleveren.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen wilde bijen en honingbijen?
Honingbijen leven in door mensen gehouden volken met een koningin en veel werksters. Wilde bijen leven overwegend alleen; ook hommels behoren ertoe. Ze verschillen in nestbouw, vliegtijd en voedselzoekgedrag. Beide groepen bestuiven bloemen, maar hebben verschillende nestplaatsen nodig en profiteren van een gevarieerde, gifvrije tuin.
Welke planten trekken wilde bijen en honingbijen aan?
Kies voor enkelvoudige, bij voorkeur inheemse bloemen met verschillende bloeitijden. In het voorjaar leveren wilgen, krokussen en fruitbomen voedsel. In de zomer volgen slangenkruid, veldsalie, wilde marjolein en knoopkruid. Klimop, herfstasters en vetkruid sluiten het seizoen af. Plant meerdere exemplaren en gebruik geen insecticiden.
Hebben wilde bijen een bijenhotel nodig?
Een bijenhotel helpt slechts bepaalde soorten die bovengronds nestelen. Veel wilde bijen graven hun nestgangen in droge, open grond. Bied daarom ook zandplekken, stengels met merg, dood hout en zonnige hellingen aan. Gebruik schone, gladde buizen en houd het hotel droog. Decoratieve vullingen hebben voor de meeste soorten weinig nut.
Hoe kan ik bijen zonder chemicaliën beschermen?
Maai bloemrijke delen gefaseerd en laat plantenresten eerst drogen. Verwijder plagen met de hand of met een waterstraal voordat u middelen gebruikt. Dek gewassen buiten de bloei mechanisch af, zet ondiepe drinkplaatsen neer en laat wilde hoekjes staan. Behandel open bloemen nooit met insecticiden.
Wanneer moet ik de weide voor bijen maaien?
Voor een bloemrijke weide is meestal een late maaibeurt na de hoofdbloei geschikt, vaak vanaf eind juni of in de nazomer. Het exacte moment hangt af van de plantengroei en de regio. Maai in delen, laat stroken staan als schuilplaats en verwijder het maaisel nadat het is opgedroogd.
Seizoensreparaties: wanneer helpt Evertape?
Met Evertape dicht u scheuren, gaten en lekkende overgangen bij huis, tuin en kampeeruitrusting snel af.