Lavendel verplanten: stap-voor-staphandleiding
Wil je je lavendel in de tuin naar een nieuwe plek verplaatsen? Met de juiste voorbereiding lukt het verplanten goed. We laten zien hoe je wortelschade voorkomt en de plant succesvol verplaatst.
Waarom je lavendel zou moeten verplanten
Lavendel groeit jarenlang op dezelfde plek. Soms is een andere standplaats nodig. De plant krijgt te weinig zon of de grond is te voedselrijk. Ook een nieuwe tuinaanleg kan verplanten noodzakelijk maken.
Lavendel verdraagt verplanten niet goed. De wortels zijn gevoelig. Een zorgvuldige planning beperkt de stress voor de plant. Het juiste moment is daarbij doorslaggevend.
Tip van de vakman
Verplant jongere lavendelplanten. Exemplaren jonger dan drie jaar slaan sneller aan op hun nieuwe plek. Oudere, verhoute planten lopen meer risico om af te sterven.
Het beste moment om te verplanten
Kies het moment zorgvuldig. De lavendel mag niet midden in de groeifase staan. De ideale periode is het vroege voorjaar, zodra er geen vorst meer wordt verwacht.
De grond is dan al licht opgewarmd. De plant kan vóór de zomer nieuwe wortels vormen. Het vroege najaar is een alternatief. Geef de lavendel voldoende tijd om vóór de winter aan te slaan.
Je kunt lavendel het beste in april of mei verplanten. De plant begint dan aan de groei en doorstaat de verhuizing gemakkelijker.
Vermijd de warme zomermaanden. Droogte en hitte zorgen voor extra stress bij de verplante plant. Ook het late najaar is ongunstig, omdat de wortels vóór de vorst niet meer kunnen aangroeien.
Een goede voorbereiding is het halve werk
Het nieuwe plantgat graven
Bereid de nieuwe standplaats voor voordat je de lavendel uitgraaft. Het plantgat moet twee keer zo breed en diep zijn als de kluit. Maak de grond op de bodem en aan de zijkanten goed los.
Meng schrale grond door het substraat. Lavendel heeft goed doorlatende, arme grond nodig. Voeg zand of fijn grind toe om de drainage te verbeteren. Zware, kleiachtige bodems zijn ongeschikt.
Zorg ervoor dat de nieuwe plek volop in de zon ligt. Lavendel heeft dagelijks minstens zes uur direct zonlicht nodig. Een beschutte plek helpt de plant om goed aan te slaan.
De lavendel op de juiste manier uitgraven
Geef de plant een dag voor het verplanten royaal water. Vochtige grond houdt de kluit beter bij elkaar. Steek met een scherpe spade op ruime afstand rondom de lavendel in de grond.
Probeer een zo groot mogelijke kluit intact te houden. Hoe meer fijne wortels je meeneemt, hoe beter. Til de plant voorzichtig uit het gat. Leg de kluit op een stuk tuinvilt of in een kruiwagen.
Belangrijke aanwijzing
Snoei de lavendel vóór het verplanten niet drastisch terug. Een lichte snoei van een derde is voldoende. Te sterk terugsnoeien verzwakt de plant extra.
Werk met schoon, scherp gereedschap. Een goede tuinschaar of de
voorkomt kneuzingen aan de wortels en scheuten.De lavendel op de nieuwe plek planten
Planten en water geven
Plant de lavendel net zo diep als hij eerder stond. De bovenkant van de kluit moet gelijk liggen met de omliggende grond. Te diep planten bevordert rotting.
Vul het gat met het voorbereide grondmengsel. Druk de grond licht aan, maar niet te stevig. Lavendelwortels hebben lucht nodig. Maak een gietrand, zodat het water niet wegloopt.
Geef de plant direct na het planten grondig water. Gebruik indien mogelijk kalkhoudend water. Lavendel verdraagt kalk goed. Door water te geven verdwijnen holtes in de grond.
Na het verplanten is consequent, maar matig water geven belangrijk. De grond moet licht vochtig blijven, maar nooit nat. Stilstaand water is de grootste vijand van lavendel.
Mulchen en beschermen
Dek het grondoppervlak rondom de plant af. Gebruik minerale mulch, zoals grind of split. Organisch materiaal zoals boomschors is ongeschikt, omdat het te veel vocht vasthoudt en gaat rotten.
De mulch onderdrukt onkruid en beschermt de grond tegen uitdroging. Bovendien reflecteert het licht naar de plant. In de eerste weken kun je bij extreme hitte lichte bescherming tegen de zon aanbrengen.
Een
helpt bij de algemene verzorging tijdens het aanslaan. Voor nauwkeurig snoeien van de scheuten is de geschikt.Verzorging na het verplanten
Water geven tijdens het aanslaan
In de eerste vier tot zes weken heeft de lavendel extra aandacht nodig. Geef regelmatig water, maar wacht steeds tot de bovenste grondlaag is opgedroogd. Controleer dit met je vinger.
Gebruik praktische accessoires voor het water geven. Met een lange tuinslang hoef je geen gieters te sjouwen.
Geef na de aanslagperiode aanzienlijk minder water. Volwassen lavendel kan goed tegen droogte. Te veel water leidt tot lange, slappe scheuten en minder bloemen.
Extra advies
Bemest de lavendel in het eerste jaar na het verplanten niet. De plant moet zich concentreren op de wortelvorming. Een teveel aan voedingsstoffen doet meer kwaad dan goed.
De eerste snoeibeurt
Snoei de lavendel in het voorjaar na het verplanten slechts licht. Verwijder bevroren of beschadigde scheuten. Een stevige vormsnoei voer je pas na de eerste bloei uit.
Snoei nooit terug tot in het oude hout. Lavendel loopt vanuit verhoute delen maar moeilijk opnieuw uit. Laat altijd wat groen blad aan de scheuten zitten.
Snoei na de bloei in de zomer de uitgebloeide stengels terug. Dat bevordert een compacte groei. Zo steekt de plant haar energie niet in zaadvorming.
Veelgemaakte fouten en hoe u ze voorkomt
Verkeerde standplaats en grond
De meest gemaakte fout is een te schaduwrijke plek. Lavendel wordt kaal in de schaduw, groeit lang en slap en bloeit nauwelijks. Controleer daarom de zoninval in uw tuin voordat u de plant neerzet.
Zware, vochtige grond vormt een probleem. U kunt deze verbeteren met zand en grind. Graaf het plantgat dieper uit en breng een drainagelaag van grind aan.
Vermijd plekken waar water blijft staan. Plant de lavendel desnoods op een kleine heuvel of in een verhoogde border. Zo kan regenwater beter weglopen.
Ongunstig tijdstip en onjuiste aanpak
Verplanten bij grote hitte of vorst bezorgt de plant te veel stress. Houd u aan de aanbevolen periodes. Plan het verplanten op een bewolkte, koele dag.
Voorkom dat u de wortelkluit uit elkaar trekt. Ga voorzichtig te werk. Breken er toch wortels, snijd ze dan netjes bij. Rafelige wonden genezen minder goed.
Plant de lavendel niet te diep. De basis van de stengels moet vrij van aarde blijven. Anders kan er rotting ontstaan. Let op de oorspronkelijke plantdiepte.
Veelgestelde vragen over lavendel verplanten
- Kan ik lavendel in de zomer verplanten?
- ​​Nee, dat wordt afgeraden. Door de hitte en droogte wordt de verplante plant te zwaar belast. De overlevingskans neemt aanzienlijk af.
- Hoe lang duurt het voordat lavendel na het verplanten weer aangroeit?
- Met de juiste verzorging laat lavendel na vier tot zes weken nieuwe groei zien. Volledige aanslag duurt een heel groeiseizoen.
- Mijn lavendel verwelkt na het verplanten. Wat kan ik doen?
- Verwelking is de eerste dagen normaal. Geef matig water en bescherm de plant tegen felle middagzon. Snoei niet meteen de stengels weg; de plant kan zich herstellen.
- Mag ik de lavendel vóór het verplanten delen?
- U deelt lavendel niet zoals vaste planten. De plant verhout vanuit het midden. Delen leidt meestal tot afsterven. Verplant de hele plant.
- Moet ik mest in het plantgat doen?
- Doe dat liever niet. Lavendel houdt van voedselarme grond. Mest, vooral stikstofrijke mest, stimuleert zachte, kwetsbare groei en vermindert de winterhardheid.
Lavendel in pot verplanten
Lavendel in pot verplant u ongeveer hetzelfde als planten in de tuin. Het tijdstip is hetzelfde. Kies een nieuwe pot die slechts iets groter is dan de oude. Te veel nieuwe potgrond blijft vochtig en kan gaan rotten.
Maak de wortelkluit voorzichtig aan de zijkanten los. Snijd rondgroeiende wortels in. Dat stimuleert de vorming van nieuwe fijne wortels. Gebruik speciale kruiden- of mediterrane potgrond.
Een drainagelaag van hydrokorrels of grind onder in de pot is noodzakelijk. Geef na het verplanten water en zet de plant enkele dagen in de halfschaduw. Daarna kan hij terug naar zijn zonnige plek.
Verplanten hoort bij de tuinverzorging. Met deze handleiding lukt het om uw lavendel succesvol te verplanten. De plant beloont u op de nieuwe standplaats met geurige bloemen en een gezonde groei.